Rondetafelgesprekken type 2

Van bezorgdheden naar mogelijkheden, een oefening in omdenken. 

Rondetafelgesprekken ONW- CLB- scholen gewoon onderwijs rond ondersteuningsvragen type 2 bij kleuters. 

We konden de afgelopen maanden een stijgend aantal type 2 ondersteuningsvragen met een gemotiveerd verslag bij jonge kleuters vaststellen. De snelle stijging, de vaak complexe of hoge noden en de beperkte omkadering die de overheid voor ondersteuning voorziet, baart ons daarbij zorgen.  Vanuit de bezorgdheden zijn we gaan nadenken hoe we vanuit het flexibel ondersteunen en samenwerken met de verschillende partners toch maximaal kunnen inzetten op kwaliteit van ondersteuning met behoud van de specifieke deskundigheid van onze type 2 ondersteuners. 

Op 28 april en 05 mei nodigden we vanuit het ondersteuningsnetwerk West-Brabant- Brussel de verschillende CLB-partners en kleuterscholen (directies en zorgcoördinatoren) uit om het gesprek aan te gaan. Dit enerzijds met het doel elkaar te horen vanuit eigen noden en bezorgdheden en anderzijds met het doel elkaar te inspireren vanuit goede praktijkvoorbeelden. 

We lijsten hier een aantal inspiraties op, welke zeker ook meegenomen kunnen worden in de ondersteuningen vanuit verslagen type 2, bij ondersteuningen van de brede types of door de scholen die niet aanwezig konden zijn op het rondetafelgesprek.  

Het is hoe dan ook zeer zinvol om de koppen (scholen, CLB en ONW) samen te steken. In het samen denken ontstaan er mogelijkheden waar elk vanuit zijn rol kan op inspelen. Per ondersteuning blijft dit uiteraard maatwerk, maar je blik verruimen opent de weg naar mogelijkheden. 

Wat we horen is dat bij een type 2 ondersteuning een gedragenheid door de hele school onontbeerlijk is. In het concrete kan dit zich uiten in doorschuifsystemen, op een personeelsvergadering informeren rond de noden en bespreken wie wat opneemt met betrekking tot deze leerling, het “meer” schouders laten dragen. 

Bij transitiemomenten van de kleuter- naar de lagere school, kan er ingezet worden op het overdragen van de redelijke aanpassingen en de leerling laten inlopen. Ook globale individuele ondersteuners (Gio) kunnen helpen op deze transitiemomenten. 

Verder werden de mogelijkheden rond de inzet van ouders, familie , een gepensioneerde leerkracht, een stagiaire, een vrijwilliger… verkend, waarbij een zorgcoördinator de bedenking maakte dat deze vaak uitgenodigd werden bij schooluitstappen. Waarom niet doelgericht inzetten bij een ondersteuning? Of een klasactiviteit? 

Wat we meenemen van onze type 2 ondersteuners is het belang van het zien van de kleine stappen vooruitgang, het belang van de focus te leggen op de ontwikkeling van de leerling en niet op de vergelijking met zijn of haar klasgenoten. 

Enkele goede praktijkvoorbeelden:  

  • Laura ondersteunde een kleutertje waar mama mee naar de klas kwam om het kindje te begeleiden met de motorische beperkingen. De juf ervaarde dit als enorm versterkend. 
  • Leen en Sanna zijn tot een samenwerking gekomen met de T7 ondersteuner, waarbij er afspraken gemaakt werden over wie rond welke doelen zal werken. 
  • Eén school gaf aan dat hun kleutertje dat motorisch vaardig is, bij verschillende kleuterjuffen kan deelnemen aan de turnles 
  • In een andere school werd het kantoor van de directeur in gebruik genomen als extra plaats waar een kleutertje tot rust kon komen;  
  • In nog een andere school werden de deuren van alle kleuterklassen geopend, waardoor het kleutertje vrij kon ontdekken in de verschillende ruimtes.  De gezamenlijke centrale plaats werd beveiligd, zodat het weglopen verhinderd werd 

De gesprekken brachten alvast veel erkenning en begrip op voor de bezorgdheden en voor de verwachtingen van de verschillende partijen.  In een warme gedeelde bekommernis en zorg voor de vaak meest kwetsbare leerlingen werd een engagement uitgesproken om kwalitatief te blijven samenwerken en om de meerwaarde uit de samenwerking maximaal te benutten.